Weerbaar Zuid-Holland centraal tijdens Najaarscongres VZHG en Provincie Zuid-Holland
Tijdens het jaarlijkse najaarscongres van de Vereniging van Zuid-Hollandse Gemeenten (VZHG) en de provincie Zuid-Holland stond één vraag centraal: hoe bouwen we aan een weerbaar Zuid-Holland? Een vol auditorium met burgemeesters, wethouders, raadsleden, dijkgraven, gemeentesecretarissen, adviseurs en ambtenaren boog zich over de vraag hoe overheden – samen met inwoners, instellingen en partners – kunnen zorgen voor een provincie die niet alleen crises doorstaat, maar ook sterker terugveert.
Commissaris van de Koning Wouter Kolff benoemde in zijn openingswoord de urgentie van het thema. Volgens hem mag weerbaarheid geen containerbegrip worden dat alle zwaarte verliest. Hij verwees naar de huidige internationale context, waarin veiligheid, energie, klimaat en democratische stabiliteit direct samenkomen. Daarbij introduceerde hij de verschuiving van bestaanszekerheid naar zekerheid van bestaan: naast inkomen en werk gaat het steeds meer om veiligheid, continuïteit en de bescherming van onze vitale infrastructuren. Kolff waarschuwde eveneens voor “crisisinflatie”—het risico dat alles crisis genoemd wordt, waardoor inwoners afhaken—en benadrukte dat de overheid moet vertrouwen op de veerkracht die in de samenleving aanwezig is.
VZHG-voorzitter en burgemeester Arno Schepers legde vervolgens de nadruk op de menselijke maat. Weerbaarheid ontstaat volgens hem niet alleen in bestuurskamers, maar vooral in buurten, wijken en straten, waar mensen elkaar kennen en ondersteunen. Hij pleitte voor praktische, ook analoge oplossingen bij grote verstoringen, zoals informatiepunten in de wijk en lokale scenario’s voor stroom- of ICT-uitval. Schepers onderstreepte dat kalmte, overzicht en sociale samenhang even belangrijk zijn als techniek en systemen.
In zijn inleiding bracht Pieter-Jaap Aalbersberg, voormalig NCTV, de strategische context in beeld. Hij wees op de toegenomen kwetsbaarheid van Nederland en de Randstad door hybride dreiging, economische afhankelijkheid, digitale verstoringen en een sterk verweven internationale veiligheidssituatie. Volgens Aalbersberg vraagt dit om duidelijke keuzes: oefenen, redundantie organiseren en lokale netwerken versterken. De vraag of Nederland voorbereid is op langdurige uitval van stroom, ICT of voedselketens, legde hij nadrukkelijk op tafel.
Naast het plenaire programma vonden verschillende deelsessies plaats. Ik heb deelgenomen aan de sessie over de weerbaarheid van jongeren, georganiseerd door de landelijke jeugdkoepel achter de Nationale Jeugdstrategie (NJS). In deze bijeenkomst gingen jongeren uit de regiegroep, bestuurders, wethouders en gemeentelijke vertegenwoordigers met elkaar in gesprek over de vraag wat jongeren nodig hebben om mentaal, sociaal, fysiek en digitaal weerbaar te zijn.
De opgave om Zuid-Holland weerbaar te maken is breed. Van geopolitieke dreigingen tot sociale cohesie in de wijk; van digitale veiligheid tot de toekomst van jongeren; van energievoorziening tot het vertrouwen in de democratische rechtsstaat. Toch was de rode draad optimistisch: weerbaarheid bouw je niet alleen met systemen en protocollen, maar met gemeenschappen, bestuurders, jongeren en professionals die samen verantwoordelijkheid nemen.
