Vier jaar Raden in Verzet: raadsleden trekken gezamenlijk op voor sterke gemeenten
De afgelopen vier jaar hebben gemeenteraadsleden uit het hele land de handen ineengeslagen in het initiatief Raden in Verzet. Het doel: aandacht vragen voor de structurele onderfinanciering van gemeenten en de gevolgen daarvan voor inwoners en de lokale democratie.
Het initiatief ontstond vanuit de constatering dat gemeenten steeds meer taken uitvoeren zonder dat daar voldoende structurele middelen tegenover staan. De kernboodschap was helder: structurele taken vragen om structurele financiering. Tijdelijke compensaties of incidentele middelen bieden volgens de betrokken raadsleden onvoldoende basis om gemeenten hun werk goed te laten doen.
In de periode 2022–2026 groeide Raden in Verzet uit tot een landelijk netwerk van raadsleden uit meerdere gemeenten. Door samenwerking en gezamenlijke acties werd de financiële positie van gemeenten nadrukkelijk op de politieke agenda gezet. Voor de gemeente Barendrecht was raadslid Tina Jakoeb betrokken als ambassadeur binnen het netwerk Raden in Verzet.
Gedurende deze vier jaar werden verschillende activiteiten georganiseerd. Raadsleden spraken tijdens bijeenkomsten van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, voerden gesprekken met bestuurders en Kamerleden en brachten de gevolgen van structurele onderfinanciering onder de aandacht bij politieke partijen en het kabinet.
Een belangrijk moment was het manifest van Raden in Verzet, dat door ruim 1200 raadsleden uit meer dan 300 gemeenten werd ondertekend. Het manifest werd aangeboden aan de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en later ook aan de Tweede Kamer, als oproep om de financiële basis van gemeenten structureel te versterken.
In de periode daarna bleef het netwerk actief met nieuwsbrieven, publieke reacties op rijksbegrotingen en gesprekken met bestuurders en volksvertegenwoordigers. In 2025 lag de nadruk sterk op het zogenoemde ‘ravijnjaar’ vanaf 2026, waarin veel gemeenten met grote financiële tekorten te maken dreigen te krijgen.
Met het einde van deze raadsperiode wordt teruggekeken op vier jaar intensieve samenwerking tussen raadsleden uit verschillende gemeenten. Het initiatief heeft eraan bijgedragen dat de financiële positie van gemeenten en de uitvoerbaarheid van rijksbeleid nadrukkelijker onderdeel zijn geworden van het landelijke politieke debat.
De vraag hoe gemeenten hun taken kunnen blijven uitvoeren met voldoende middelen blijft ook de komende jaren een belangrijk onderwerp voor zowel lokale als landelijke politiek.
