Terugblik Commissie Wonen en Werken van 22 juni 2026
Tijdens de vergadering van de Commissie Wonen en Werken stonden verschillende onderwerpen op de agenda die direct raken aan de ruimtelijke ontwikkeling van Barendrecht. Van de toekomst van religieuze gebouwen tot woningbouw, bereikbaarheid en voorzieningen in De Stationstuinen. Namens GroenLinks-PvdA was ik woordvoerder.
Bij de actualiteiten werd gesproken over de Kerkenvisie Barendrecht en de nieuwe beleidsregel voor de ontwikkeling en herbestemming van gebedshuizen. De aanleiding hiervoor is dat steeds meer religieuze gebouwen te maken krijgen met leegstand of een afnemend aantal bezoekers. De gemeente heeft daarom een beleidsregel vastgesteld die gebruikt kan worden bij toekomstige verzoeken voor functiewijziging of herontwikkeling van gebedshuizen. De beleidsregel biedt een afwegingskader voor eigenaren, initiatiefnemers en de gemeente en moet bijdragen aan een zorgvuldige omgang met gebouwen die vaak een belangrijke maatschappelijke en historische betekenis hebben voor Barendrecht. Daarbij werd toegelicht dat de Kerkenvisie zelf geen beleidsdocument is, maar een inventarisatie van de huidige situatie, de ontwikkelingen en de toekomstperspectieven van religieuze gebouwen in Barendrecht. Op basis daarvan is de beleidsregel opgesteld.
Het grootste onderwerp van de avond was de behandeling van het bestemmingsplan De Stationstuinen 2e fase. Met dit voorstel wordt het juridisch mogelijk gemaakt om een groot deel van de tweede fase van De Stationstuinen te ontwikkelen. Het gebied ligt aan de oostzijde van station Barendrecht en maakt onderdeel uit van de bredere gebiedsontwikkeling De Stationstuinen.
In deze fase wordt ruimte geboden voor maximaal 850 woningen. Daarnaast komen er mogelijkheden voor horeca, detailhandel, dienstverlening, werkfuncties en andere voorzieningen. Het doel is om een gemengd gebied te ontwikkelen waar wonen, werken, leren en recreëren samenkomen. Voor de ontwikkeling zijn eerder de Gebiedsvisie De Stationstuinen, het Ontwikkelkader De Stationstuinen en het Structuurplan Fruitpacking District vastgesteld. Het bestemmingsplan vormt nu het juridische kader waarmee deze ontwikkeling daadwerkelijk mogelijk wordt gemaakt.
Bij het voorstel hoorde ook de behandeling van 18 ingediende zienswijzen. Daarnaast werden verschillende onderzoeken betrokken bij de besluitvorming, waaronder onderzoeken naar verkeer, geluid, parkeren, externe veiligheid, stikstof, milieuzonering en de effecten op de leefomgeving. Een belangrijk onderdeel van het voorstel is de verplaatsing van de mobiliteitshub naar de rand van het gebied. Volgens het college zorgt dit voor meer ruimte voor groen, minder verkeersdruk in het woongebied en een aantrekkelijker woon- en leefklimaat. Ook werd uitgebreid stilgestaan bij de verkeerssituatie. Rijkswaterstaat heeft in het verleden zorgen geuit over de verkeersafwikkeling en de gevolgen voor de A15 en de IJsselmondse knoop. De gemeente heeft aanvullende onderzoeken laten uitvoeren en aangegeven hierover in gesprek te blijven met Rijkswaterstaat.
Tijdens de behandeling heb ik namens GroenLinks-PvdA allereerst aandacht gevraagd voor de inspreker. De heer Molenaar gaf aan zich onvoldoende gehoord te voelen in de behandeling van zijn zienswijze. Daarom heb ik gevraagd welke mogelijkheden er nog zijn voor inwoners of ondernemers wanneer zij het gevoel hebben dat hun bezwaren onvoldoende zijn meegenomen en of er nog ruimte is voor overleg. Positief was dat de wethouder aangaf met de inspreker in gesprek te zullen gaan.
Daarnaast heb ik vragen gesteld over de brede bestemming “Gemengd” die voor grote delen van fase 2 wordt gebruikt. Die bestemming biedt veel flexibiliteit voor toekomstige ontwikkelingen. Tegelijkertijd betekent dit dat vandaag nog niet exact bekend is welke niet-woonfuncties zich uiteindelijk in het gebied zullen vestigen. GroenLinks-PvdA heeft daarom gevraagd welke mogelijkheden de raad nog heeft wanneer een functie juridisch past binnen het bestemmingsplan, maar maatschappelijk op weerstand stuit bij bewoners. Daarbij heb ik gevraagd of de raad op enig moment nog een afwegings- of toetsingsmoment krijgt.
Verder heb ik aandacht gevraagd voor de voorzieningenstructuur binnen De Stationstuinen. Uit de stukken blijkt dat de provincie heeft aangedrongen op concentratie van detailhandel rondom de supermarkt in fase 2. Daardoor komt het zwaartepunt van de winkels en voorzieningen in een later stadium van de ontwikkeling terecht. Namens GroenLinks-PvdA heb ik gevraagd wat dit betekent voor bewoners van fase 1. Welke voorzieningen hebben zij daadwerkelijk tot hun beschikking wanneer fase 2 vertraging oploopt door procedures, marktomstandigheden of andere ontwikkelingen?
Tot slot heb ik vragen gesteld over het mobiliteitsconcept van De Stationstuinen. De wijk wordt ontwikkeld als een autoluwe wijk waarbij voorzieningen en parkeren deels op afstand worden georganiseerd. GroenLinks-PvdA heeft gevraagd welke loop- en fietsafstanden het college acceptabel vindt voor verschillende groepen inwoners, zoals ouderen, gezinnen met jonge kinderen en inwoners met een beperking. Daarbij hebben wij benadrukt dat een autoluwe wijk alleen succesvol kan zijn wanneer goede alternatieven daadwerkelijk beschikbaar en toegankelijk zijn.
Vervolgens behandelde de commissie het voorstel voor Casa Limo. Het voorstel voorziet in een omgevingsvergunning waarmee binnen hetzelfde bouwvolume meer woningen kunnen worden gerealiseerd. Volgens het voorstel worden 310 extra woningen toegevoegd. Daarnaast wordt afgeweken van de bestaande parkeernormen. De gedachte achter het plan is dat de doelgroep van deze woningen naar verwachting minder auto’s bezit dan gemiddeld, waardoor met minder parkeerplaatsen kan worden volstaan.
Namens GroenLinks-PvdA heb ik gevraagd waarop deze aanname precies is gebaseerd. Welke onderzoeken, ervaringen of praktijkvoorbeelden liggen hieraan ten grondslag? En wat gebeurt er wanneer de parkeerdruk in de praktijk hoger blijkt uit te vallen dan nu wordt verwacht? Daarnaast hebben wij aandacht gevraagd voor de kwalificatie van de woningen en ons aangesloten bij vragen die hierover door andere fracties zijn gesteld.
Tot slot heb ik aandacht gevraagd voor de houdbaarheid van het concept op langere termijn. In verschillende gemeenten zijn vergelijkbare woonconcepten gerealiseerd. GroenLinks-PvdA vindt het belangrijk om niet alleen naar de kansen te kijken, maar ook naar de risico’s. Daarom hebben wij gevraagd welke lessen zijn geleerd uit vergelijkbare projecten elders in het land en hoe mogelijke risico’s vooraf worden ondervangen, zodat ook op langere termijn sprake blijft van een goed functionerend woonconcept.
Vanwege tijdgebrek konden twee geagendeerde onderwerpen niet worden behandeld. Het eerste onderwerp betrof de begrotingswijziging De Stationstuinen. Dit voorstel gaat over de financiële vertaling van de gebiedsontwikkeling naar de gemeentelijke begroting, waaronder investeringen in de openbare ruimte, parkeervoorzieningen, mobiliteitshubs en de verdere inrichting van het gebied. Ook de voortgang van de PJT-locatie in De Stationstuinen kon niet meer worden besproken. Beide onderwerpen zullen op een later moment opnieuw worden geagendeerd.
