PvdA kritisch op stopzetten ‘Goede Buur’
Tijdens de raadsvergadering van 24 februari heeft Tina Jakoeb, Fractievoorzitter van de PvdA, kritische vragen gesteld over het besluit van het college om het project Goede Buur te beëindigen en de taken onder te brengen bij Vluchtelingenwerk. Aanleiding voor dit besluit zijn aangescherpte landelijke financieringsregels (SPUK-middelen), waarbij de nadruk moet liggen op werk en zelfredzaamheid.
Namens de PvdA stelde Jakoeb drie fundamentele vragen: over de inzet van uren en budget, de borging van kwaliteit en de rol van de raad in dit besluitvormingsproces.
Zij vroeg allereerst om volledige transparantie over de capaciteit. In de huidige situatie was er binnen Goede Buur sprake van een ‘aanjager’ (circa 14 uur inzet). Jakoeb wilde weten hoeveel ambtelijke en niet-ambtelijke uren hiermee gemoeid waren en of deze inzet één-op-één wordt overgenomen door Vluchtelingenwerk. Ook vroeg zij expliciet wat er concreet wegvalt als deze coördinatiefunctie verdwijnt.
Daarnaast stelde zij vragen over de kwaliteit van begeleiding. Nu de focus verschuift naar werk en zelfredzaamheid, vroeg zij hoe het college voorkomt dat de begeleiding onder druk komt te staan, zeker nu de coördinatie wordt ondergebracht bij een organisatie die al belast is met een wettelijk takenpakket.
Tot slot stelde zij kritische vragen over het proces. De raad is pas achteraf geïnformeerd via een brief. Jakoeb vroeg waarom er niet eerder met partners is gesproken en waarom geen concreet plan aan de raad is voorgelegd. Zij riep het college op om de raad actief te betrekken bij de verdere uitwerking, voordat onomkeerbare stappen worden gezet.
Antwoorden wethouder: geen extra budget, wel herschikking en inhoudelijke koerswijziging
De wethouder gaf aan dat er geen sprake is van extra budget of uitbreiding van formatie. Het gaat volgens hem om een andere organisatie van bestaande werkzaamheden binnen de Wet inburgering, uitgevoerd door Vluchtelingenwerk, binnen het bestaande SPUK-budget.
De inzet van uren wordt niet uitgebreid, maar verschuift binnen de bestaande opdracht. Het totale budget voor maatschappelijke begeleiding blijft ongewijzigd.
Ten aanzien van de kwaliteit stelde de wethouder dat deze volgens hem niet afhankelijk is van één persoon of project, maar geborgd is in de professionele uitvoering door Vluchtelingenwerk, met individuele trajecten, monitoring en afstemming met wijkteams en partners. Volgens de wethouder zorgt het onderbrengen in de reguliere begeleiding juist voor duidelijkere aansturing.
De wethouder gaf daarnaast aan dat het college door het ministerie is aangesproken op onjuiste besteding van SPUK-middelen. Hierdoor is opnieuw gekeken naar welke activiteiten wel en niet binnen deze middelen passen. Activiteiten gericht op participatie, werk en zelfredzaamheid blijven bestaan.
Echter, activiteiten die primair gericht zijn op sociale ontmoeting en verbinding, zoals samen koken en samen eten, vallen buiten de SPUK-regeling en kunnen niet langer uit deze middelen worden gefinancierd. De wethouder gaf aan hierover wel in gesprek te zijn om te kijken of hiervoor alternatieve financiering mogelijk is.
Op een nadere vraag van Jakoeb over de inzet van de projectleider (14 uur), gaf de wethouder aan dat deze uren niet verdwijnen, maar anders worden ingezet, en dat er zelfs sprake is van een uitbreiding van uren, zij het met een andere inhoudelijke focus.
Tegelijkertijd werd duidelijk dat niet alle onderdelen van het project ‘Goede Buur’ terugkeren, met name de sociale componenten die buiten de wettelijke kaders vallen.
De wethouder benadrukte dat er geen sprake is van een bezuiniging, maar van een herprioritering op basis van wettelijke kaders.
De PvdA zal de verdere uitwerking van dit besluit nauwlettend volgen.