De digitale speeltuin is niet zonder risico’s
Tijdens het congres Digitalisering & Welzijn was de keynote van techniekfilosoof en ondernemer Wietse Hage allesbehalve een technisch praatje. Het was een reality check over iets waar we allemaal middenin zitten: hoe digitale technologie ons beïnvloedt — ons denken, ons gedrag en zelfs hoe we naar onszelf kijken.
Hage liet zien hoe snel de grens tussen echt en nep verdwijnt. Met voorbeelden van synthetische video’s, digitale klonen en AI-tools die steeds overtuigender worden, maakte hij zichtbaar wat velen al voelen: je kunt niet zomaar meer vertrouwen op wat je ziet of hoort. Maar zijn punt ging veel dieper. De echte vraag is niet “Is het echt?” maar “Wie zegt dit, waarom, en met welk doel?”
Dat is de nieuwe digitale geletterdheid: niet alleen snappen hoe technologie werkt, maar hoe je zélf met informatie en beïnvloeding omgaat.
Hij gebruikte een vergelijking die bleef hangen: het fysieke domein reguleren we al eeuwen — met verkeersregels, leeftijdsgrenzen, gezondheidsnormen. Maar de digitale wereld, waar jongeren soms meer uren doorbrengen dan in hun buurt of school, is nog grotendeels een wildgroei. Zijn metafoor van lawinehekken was scherp: je kunt de berg niet stoppen, maar je kunt wel voorkomen dat mensen eronder verdwijnen. Vooral kinderen, onderwijs en zorg verdienen zulke hekken.
Hage was niet “tegen technologie”. Integendeel — hij pleitte voor innovatie mét waarden. Want technologie kan ons juist versterken, zolang we het menselijk kompas niet verliezen. En dat raakt direct aan de wereld van kinderen en jongeren: schermen die hun dagritme bepalen, sociale media die hun zelfbeeld beïnvloeden, AI die tot in de klas meepraat. Wat begon als hulpmiddel, kan zonder goede begeleiding makkelijk veranderen in druk, afleiding of ongelijkheid.
Daarom voelde deze lezing als meer dan analyse — het was een wake-upcall:
Digitale bescherming is kinderbescherming. We hebben fysieke speelplekken veilig gemaakt; nu is het tijd om hetzelfde te doen met digitale speelplaatsen. Met duidelijke grenzen. Met slimme regels. Met bewuste keuzes.
Voor gemeenten liggen hier grote kansen: lokale kaders voor AI en schermgebruik, trainingen in digitale weerbaarheid, en ethische toetsing van tech in het publieke domein. Dat zijn de bouwstenen van een toekomst waarin technologie mensen ondersteunt in plaats van andersom.
Ik liep de zaal uit met urgentie, maar ook met richting. Zoals de dagvoorzitter zei: soms moet je de glitch omarmen — dat moment waarop iets hapert en je ineens ziet wat belangrijk is.
Deze keynote wás zo’n glitch: een kleine digitale schok die laat zien wat er écht toe doet — dat ieder kind veilig, vrij en met zelfvertrouwen moet kunnen opgroeien in deze steeds snellere, steeds slimmere digitale wereld.