Commissie Algemene Zaken & Financiën 1 december 2025
In de commissie stonden drie stevige financiële dossiers centraal: het Normenkader 2026, het Control Jaarplan VIC 2026 en de Slotwijziging 2025. Deze onderwerpen lijken op papier technisch, maar ze raken aan iets essentieels: hoe we als gemeente verantwoording afleggen, hoe we controleren of regels juist worden toegepast en hoe zichtbaar wordt wat er in een begrotingsjaar daadwerkelijk is gebeurd. Het Normenkader bepaalt welke regels gelden, het Control Jaarplan VIC beschrijft hoe de gemeente intern toetst of die regels worden nageleefd, en de Slotwijziging laat zien hoe het jaar financieel is afgesloten — welke plannen zijn uitgevoerd, welke vertraging hebben opgelopen en waar financiële ruimte of knelpunten zijn ontstaan.
Het Normenkader 2026 is de basis waarop de rechtmatigheidsverantwoording rust. Het bevat alle wetten en lokale afspraken die bepalen wat mag, wat moet en hoe financiële beslissingen moeten worden genomen. Zonder zo’n kader kan de accountant niet toetsen en kan de raad niet controleren. Tegelijkertijd zegt een kader weinig als de organisatie niet voldoende in staat is om die regels ook daadwerkelijk na te leven. Een regelboek dat in de praktijk niet uitvoerbaar is, dient de democratie niet. Wij zien dat de wettelijke druk toeneemt, dat verantwoordelijkheden verschuiven van de accountant naar het College, en dat foutmarges kleiner worden. Dat vraagt om versterking – niet op papier, maar in menskracht, deskundigheid en stabiliteit.
Dat werd nog duidelijker bij het Control Jaarplan VIC 2026. Dit plan beschrijft hoe de interne controle er komend jaar uitziet. De relevante vraag hierbij is: hoe controleren we zélf of we doen wat we moeten doen? Het jaarplan laat zien dat de gemeente nog niet werkt op de manier die eigenlijk nodig is. De ambitie is procesgerichte controle – waarbij je de kwaliteit van het hele proces beoordeelt in plaats van losse dossiers – maar in werkelijkheid wordt nog vooral gegevensgericht gewerkt. Dat is arbeidsintensief, foutgevoeliger en minder toekomstbestendig. De PvdA heeft daarom gevraagd naar het tijdspad: wanneer zijn onze processen zó in kaart gebracht dat we deze modernere manier van controleren kunnen toepassen? Want zolang die slag niet wordt gemaakt, blijft de gemeente kwetsbaar.
Ook heeft de fractie de vraag gesteld over welke wetten en processen door de VIC worden gecontroleerd. De huidige scoping richt zich op de Participatiewet, WMO en Jeugdwet, maar laat andere kwetsbare domeinen liggen, zoals schuldhulpverlening (WSNP) en SUWI-processen. Deze processen gaan rechtstreeks over inwoners in financiële nood en kennen van nature een hoger risico op fouten of misbruik. De PvdA heeft daarom gevraagd of er risicoanalyses zijn die rechtvaardigen dat deze domeinen nu buiten beeld blijven. Als die er niet zijn – of niet overtuigend – moeten wij als raad overwegen deze alsnog als extra thema’s toe te voegen. Juist omdat rechtmatigheid geen theoretisch begrip is; het raakt mensen die afhankelijk zijn van zorg, ondersteuning of bestaanszekerheid.
Het derde agendapunt, de Slotwijziging 2025, liet zien dat financiële cijfers soms mooier lijken dan de werkelijkheid. Met andere woorden: het jaar sluit positief af, maar vooral omdat projecten niet zijn uitgevoerd. De gemeente heeft minder hoeven lenen omdat zij minder werk heeft verzet. Projecten als de renovatie van ’t Trefpunt, de centrumaanpak en de uitbreiding van het zwembad zijn niet vooruitgeschoven omdat het niet nodig was, maar omdat de organisatie het niet kon bijbenen. Die stapeling schuift door naar 2026 en vergroot de druk op personeel, planning en begroting. Dat een rentevoordeel ontstaat doordat de schop niet in de grond ging, is geen winst; het is uitstel. En uitstel wordt uiteindelijk duurder.
Ook in het sociaal domein toont de Slotwijziging een scheef beeld. Er is een stevige besparing op jeugdhulp, maar tegelijkertijd vallen de kosten voor re-integratie veel hoger uit en is er structurele onderbemensing in de wijkteams. De PvdA heeft benoemd dat deze twee bewegingen niet met elkaar rijmen. Een begroting die te optimistisch is ingeschat, creëert schijnzekerheid. Wat nu incidenteel wordt opgevangen, keert volgend jaar als structureel probleem terug. Wij hebben daarom gevraagd waarom het College tekorten die al jaren zichtbaar zijn – zoals intensieve begeleiding voor inwoners met een arbeidsbeperking – blijft oplossen met incidentele middelen. Dat is bestuurlijk niet eerlijk, financieel niet houdbaar en maatschappelijk niet verantwoord.
Tot slot heeft de PvdA kritische vragen gesteld over de manier waarop incidentele meevallers worden ingezet om structurele tekorten te verdoezelen. Een voorbeeld is de inzet van € 150.000 voor de bibliotheek AanZet om een negatieve reserve uit 2018 op te lossen. De vraag is niet of de bibliotheek belangrijk is – dat is ze onbetwist – maar waarom oude structurele tekorten nu incidenteel worden gladgestreken zonder duidelijke onderbouwing hoe de exploitatie vanaf 2026 wél sluitend wordt. Dit voelt als het uitstellen van keuzes die juist nú gemaakt moeten worden.
De PvdA legde in de commissie de nadruk op de noodzaak van duidelijke processen, voldoende uitvoeringscapaciteit en een begroting die aansluit bij de praktijk. Deze elementen zijn volgens de fractie essentieel om de kwaliteit van besluitvorming te versterken en de financiële positie van de gemeente zorgvuldig te bewaken.